Artificiële intelligentie ontwikkelt zich in hoog tempo en raakt steeds meer domeinen van de overheid. De technologie biedt kansen voor betere dienstverlening en efficiëntere processen, maar brengt ook risico’s met zich mee op het gebied van veiligheid, autonomie en publieke waarden. Binnen de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) is AI daarom 1 van de 6 prioriteiten.
Het aanjaagteam onder leiding van Larissa Zegveld werkt aan een gezamenlijke aanpak, waarmee alle overheidslagen verantwoord gebruik kunnen maken van deze technologie.
Zegveld is algemeen directeur van Stichting Kennisnet en voorzitter van Forum Standaardisatie. Ze volgt de NDS al sinds de contouren werden geschetst. Toen bleek dat deze strategie ondanks politieke wisselingen toch doorgang vond, besloot ze zich te committeren aan de rol van voorzitter. “Ik zag een sterke wil om dit echt collectief op te pakken. Het moment is nu. Dit lukt alleen als we bereid zijn anders te gaan samenwerken.”
Het belang van investeren in AI
AI is volgens Zegveld meer dan een technologische vernieuwing. Ze beschouwt het als een strategische factor die samenvalt met grotere geopolitieke en economische ontwikkelingen. “De afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers groeit snel en roept de vraag op hoe Nederland en Europa hun autonomie kunnen behouden. We nemen grote woorden in de mond, zoals soevereiniteit. Maar als we dat serieus menen, moeten we nu handelen. De afslag die nodig is om nog alternatieven te ontwikkelen, komt maar 1 keer voorbij.”
Ze is optimistisch gestemd over het vermogen van Nederland om die alternatieven te kunnen ontwikkelen. Ze wijst op het groeiende aantal experimenten en initiatieven. Ook ziet ze in Europa meer bereidheid om gezamenlijk te investeren in technologie die past bij Europese waarden. “Nederland is een gidsland op het gebied van digitale standaarden. We hebben vaker aangetoond dat we leveranciers kunnen bewegen zich aan onze normen te houden. Dat geeft vertrouwen dat we een eigen positie kunnen innemen.”
Kaderstelling voor verantwoord gebruik
AI kan de overheid veel brengen, van snellere dienstverlening tot slimmere ondersteuning van professionals. Maar innovatie vraagt om stevige kaders. Overheidsorganisaties werken met persoonsgegevens en met voorzieningen die maatschappelijk vitaal zijn. Dat maakt het zorgvuldig ontwerpen en gebruiken van AI onmisbaar. “Wij leveren publieke dienstverlening waarvoor gebruikers niet kunnen uitwijken naar een concurrent”, zegt Zegveld. “Daar hoort een extra verantwoordelijkheid bij.”
Het aanjaagteam AI werkt daarom aan gezamenlijke randvoorwaarden. Europese regels zoals de AI Act vormen belangrijke bouwstenen, maar moeten worden vertaald naar de Nederlandse context. Vervolgens moeten deze kaders ook doorwerken in inkoop, toepassing en beheer. “We moeten duidelijk maken wat we verstaan onder verantwoorde inzet. Dat vraagt om normering en om vertaling naar de praktijk.”
De bestuurlijke uitdaging
De grootste hobbel ligt voor Zegveld niet op technisch vlak, maar in de bestuurlijke context. Het doorbreken van institutionele grenzen is volgens haar essentieel om tot collectieve voorzieningen te komen. “Dit is geen technisch probleem. Dit is een bestuurlijke uitdaging. We bereiken alleen massa in alternatieven, zoals Vlam.ai, als we er samen achter gaan staan. Dat vraagt om ander gedrag, om over grenzen heen durven stappen.”
Nederland heeft een sterke traditie van zelfstandige uitvoeringsorganisaties en departementen met eigen verantwoordelijkheden. Dat maakt samenwerken soms complexer dan in landen met een centralere governance. Toch ziet Zegveld verandering. De prioriteiten van de NDS maken duidelijk waar de komende jaren de focus moet liggen. “We hebben uitgesproken dat dit de 6 onderwerpen zijn die we belangrijk vinden. Dat betekent ook dat we soms nee zeggen tegen dingen die daar niet onder vallen.”
Het aanjaagteam AI: versnellen en verbinden
Binnen het aanjaagteam werken de CIO’s en directeuren van uitvoeringsorganisaties, departementen, gemeenten, provincies en waterschappen samen. Hiermee is de uitvoering vanaf het begin aan tafel. Dat is bewust, zegt Zegveld. “De oplossingen moeten daar landen, dus moeten zij ook mee ontwerpen en realiseren. Zij weten als geen ander wat uitvoerbaar is.”
De werkwijze van het aanjaagteam is gericht op concrete stappen vooruit. Er zijn 6 versnellers opgesteld. Deze omvatten wat er moet gebeuren en welke resultaten worden nagestreefd. “We zijn gestopt met het perfectioneren van papier”, zegt Zegveld. “De uitwerkingen zijn goed genoeg om aan de slag te gaan. Dat is op zichzelf al een verandering. We gaan het nu echt doen.”
In de komende periode worden teams samengesteld die per versneller resultaten gaan boeken. Ook bekijkt het aanjaagteam welke lopende initiatieven kunnen worden omarmd of opgeschaald. Daarbij gaat het onder meer om Vlam.ai, GPT-NL en de recent gelanceerde AI Factory. Het aanjaagteam wil bepalen welke voorzieningen passen binnen de gezamenlijke kaders en waar de overheid als launching customer kan optreden. “Dat is de manier om alternatieven daadwerkelijk volwassen te laten worden.”
Strategische doelen voor AI binnen de overheid
De prioriteit AI kent 2 strategische doelen. Het eerste doel richt zich op het verbeteren van de dienstverlening en het oplossen van maatschappelijke opgaven met behulp van AI. Dat vraagt volgens Zegveld om zorgvuldige toepassing. De overheid werkt met data die burgers verplicht moeten aanleveren en is verantwoordelijk voor betrouwbare dienstverlening. “Dat maakt dat wij anders met nieuwe technologie moeten omgaan dan commerciële bedrijven. Innovatie mag, maar moet verantwoord zijn.”
Het tweede doel is het realiseren van een hoogwaardige AI-infrastructuur die voldoet aan publieke waarden. Het gaat om betrouwbare modellen, toegang tot hoogwaardige datasets, voldoende rekenkracht en om het opleiden en behouden van talent. Dit alles vraagt om een gezamenlijke aanpak. “We hebben uitgesproken dat vrijblijvendheid voorbij is. We gaan voor gemeenschappelijke voorzieningen waar iedereen gebruik van maakt. Individuele oplossingen brengen ons niet verder.”
Relatie met andere prioriteiten
AI staat niet op zichzelf. De samenhang met cloud, data en cybersecurity is direct en intensief. AI-modellen functioneren alleen wanneer de juiste data met voldoende kwaliteit beschikbaar is. Tegelijk moet helder zijn waar die data worden opgeslagen, hoe ze worden beveiligd en of ze binnen de gewenste rechtsorde blijven. “We zijn al jaren bezig met eenmalige uitvraag en meervoudig gebruik. Dat geldt net zo goed voor AI. Je moet precies weten waar data is en waar het naartoe gaat.”
Ook de afhankelijkheid van cloudvoorzieningen vormt een directe koppeling met de prioriteit Cloud. Een soevereine AI-positie is niet denkbaar zonder grip op de onderliggende infrastructuur. De samenwerking tussen voorzitters van de aanjaagteams is daarom intensief. “We treffen elkaar in de NDS-Raad en in het Programma Regie Overleg. Dat voorkomt eilandvorming en zorgt voor samenhang.”
Vooruitblik en boodschap aan de lezer
Over een jaar hoopt Zegveld dat er toepassingen zijn opgeschaald die in brede zin worden gebruikt. Dit betekent dat een succesvolle oplossing van 1 organisatie door andere is overgenomen en dat gezamenlijke voorzieningen de norm beginnen te worden. “Opschalen is de sleutel. Daar moeten we echt naartoe.”
Haar centrale boodschap is helder: de tijd van praten is voorbij. “We gaan het nu echt doen. Vrijblijvendheid is geen optie meer. Als wij grote woorden gebruiken zoals autonomie en soevereiniteit, moeten we daar ook naar handelen. Dat kan alleen als we anders gaan samenwerken.”



